Go to Top

Groentje 10 De sporen van een schimmel 4 oktober 2020

Stap maar in en reis maar mee op mijn spoor. Vergeet uw plunjezak niet mee te nemen, want er moet wel gewerkt worden. Houdt u vast, we gaan op weg naar de wortelpunten van de berk. Wij, schimmels, staan in nauw contact met de fijnste uiteinden van de haarwortels die zo in staat zijn om voedsel uit te wisselen. In uw bagage zit onder andere zink, ijzer, koper, calcium, magnesium, mangaan en het belangrijkste: fosfaat. De boom kan zelf geen fosfaat direct uit de grond opnemen omdat deze gebonden zit aan ijzer of calcium. Wij kunnen dat wel en geven het ook af aan de boom. Heeft u de plunjezak leeg? Doet u deze dan maar weer vol met suikers, eiwitten en andere stofjes die de boom overhoudt. De boom neemt namelijk via het blad CO2 op en maakt daar in zijn systeem allerlei stoffen van, zoals suikers. De ene helft heeft ze zelf nodig, de andere helft stroomt via de wortels naar ons toe. Die stoffen kunnen wij dan weer gebruiken om ons netwerk mee op te bouwen en uit te breiden.

Voorstelling van boomwortels met mycelium

Er zijn meer organismen die gek zijn op die lekkere lekkende stofjes, zoals bacteriën, aaltjes en virussen. Een levendige boel daar rond die wortels. Er zouden allerlei organismen de boom binnen kunnen dringen als wij geen beschermende mantel om die wortels heen zouden leggen. Wij bepalen wat er in en uit gaat. Wij beschermen de wortels zelfs tegen gifstoffen. Deze mooie symbiose zijn we ruim 400 miljoen jaar geleden aangegaan.

Microscoopfoto van een schimmel die een aaltje vangt in een lassogreep

Heeft u voldoende suikers en eiwitten ingepakt? Dan gaan we verder met het bouwen aan ons netwerk. Hoe groter ons netwerk, hoe meer stoffen wij kunnen opnemen uit de bodem om de bomen te kunnen voeden. Samen zorgen we er zo voor dat het worteloppervlak 500 tot 1000 keer groter wordt. U ziet wel hoe fijnvertakt ons systeem is. In één theelepel vruchtbare grond zitten meters van onze schimmeldraden. Dat hele netwerk aan draden heet mycelium. We breiden dit uit naar andere berken, maar ook naar andere soorten als beuk, eik, els, linde, wilg, spar en andere veel voorkomende bomen en struiken. Wij zijn in staat om al deze bomen in een bos met elkaar te verbinden en zo met elkaar een sterk netwerk te vormen. Door deze oeroude symbiose voeden wij elkaar en zorgen voor elkaar.

We gaan nu naar ons bovengrondse deel: de paddenstoel. Tijd voor wat rust en een versnapering. Haast u naar boven, geef uw schimmel de sporen. Spillebeen wacht zó ongeduldig op u dat zijn paddenstoel er bijna van doormidden krakt.

Welkom, welkom. Heb ik geen prachtig huis? Met dank aan die harde werkers daar beneden. En aan de herfst natuurlijk. Want zo’n huis bouwen kost veel energie, vocht en voeding en dat is momenteel volop beschikbaar. Gaat u zitten. Wilt u een broodje, of een glaasje bier of wijn? Wist u dat de gist die nodig is om deze lekkernijen te maken ook een schimmel is? Een heel ander soort dan die waarin wij nu zitten. Er zijn meer dan een miljoen schimmels. Daarvan zijn er nog maar 100.000 onderzocht. Schimmels zijn overal. Sporen van gist en andere afbraakschimmels zitten in de lucht. Met één ademteug kun je wel duizenden sporen inademen. Vandaar dat brood of fruit beschimmelt als je die te lang laat liggen. Penicilline is afkomstig van zo’n schimmel. Schimmels zijn prima opruimers. Stel je voor dat ze dat niet zouden doen. Er zijn zelfs schimmels die olie of plastic kunnen afbreken en deze kunnen omzetten tot bruikbare stoffen. De oesterzwam is in staat om in een maand tijd een berg met olie vervuilde grond om te vormen tot een vruchtbare levende hoop.

Er is heel veel te vertellen over deze oude en bijzondere levensvorm. schimmels zijn  geen planten en ook geen dieren. Ze hebben nog veel meer functies dan afbreken, opnemen, afgeven, transporteren of wortels beschermen. De mogelijkheden zijn oneindig.

Genoeg gezwamd. Leg u te rusten onder een berkenboleet of op een elfenbankje. Later vertel ik verder.