Go to Top

Groentje 14 Groen-grijs-groen 28 februari 2021

We zijn allemaal geboren met een groen hart. Logisch want we komen voort uit de natuur en we bestaan bij de gratie van de natuur. En toch zijn we hard om weg om diezelfde natuur om zeep te helpen. We worden steeds grijzer, met steeds meer beton, grind en bloembakken. Hoe komt dat toch?

Of is het nu juist ons streven om groen te zijn wat ons grijzer maakt? ‘Het gras is altijd groener bij de buren’. Dit streven om de groenste te zijn, heeft er misschien wel toe geleid dat we kunstgras leggen. Grijzer kan haast niet.

Hoe zit dat nu eigenlijk met gras? Waarom groeit er ieder voorjaar weer mos in het gras? Waarom is het zo lastig om zo’n grasveld zo strak en zonder ongewenste kruiden te houden? De afgelopen zomers met extreme droogte en enorme hoosbuien hebben de gazons geen goed gedaan. Zonder
beregeningsinstallatie is er geen beginnen aan. Om daar kraanwater voor te gebruiken is niet meer verantwoord.

De gazons hebben elk voorjaar weer veel hulp nodig om het gewenste beeld te geven. Dat gewenste beeld is tegenwoordig een egale mat van alleen maar grassprietjes die allemaal even lang, even dik en even groen zijn. Er is veel energie en voeding voor nodig om deze monocultuur in stand te houden. Engels raaigras, waar gazongras voornamelijk uit bestaat, heeft veel voeding nodig. Kunstmest is niet goed voor de bodem, dus strooien we veel organische mest om ervoor te zorgen dat het gras goed aan de groei komt en blijft. Cocopeat, compost en kalk zijn middelen om de bodem in optimale conditie te houden.

Aan het eind van de winter, als het voor gras nog te koud is om te groeien, bedekt de bodem zich met mos. Mos groeit bij lage temperaturen gewoon door. Vandaar dat in maart het gras altijd wat mossig is. Als de temperatuur oploopt en het gazon voldoende bemest is en de bodem in goede conditie, dan wordt binnen de kortste keren het mos overgroeid door het gras. Verticuteren is niet nodig en verslechtert de omstandigheden van de bodem onder de grasmat.

De bodem onder de eenzijdige grasmatten heeft het steeds moeilijker. Door de eenzijdige beworteling en de extreme weersomstandigheden gaat het bodemleven achteruit. De biodiversiteit in de bodem neemt af. Ritnaalden, engerlingen en emelten worden niet meer in toom gehouden door andere organismen die in een gezonde bodem aanwezig zijn en kunnen zich volop tegoed doen aan de malse graswortels. De mollen die deze beestjes opeten, zijn ook al niet gewenst.

In veel tuinen zijn de bodemomstandigheden inmiddels zo verslechterd en kost het in stand houden van deze monocultuur zoveel geld en energie, dat we steeds vaker een andere keuze maken. Op schrale en droge zandgronden is het veel makkelijker om bijvoorbeeld een bloemenweide te realiseren.

We zaaien een passend mengsel in van bloemen en kruiden. Door het jaar heen kan er hier en daar wat afgemaaid worden. Met een afgewogen maaibeheer ontstaat er een rustig groeiende en bloeiende weide die veel insecten, vlinders en vogels trekt.

Ondertussen geniet ik steeds meer van mijn eigen extensief beheerde grasveldje. Nu ik niet meer bemest en onregelmatig maai, zie ik steeds meer verschillende plantjes, mos, wormenhoopjes en scharrelende vogels.